Verordening (EG) nr. 1060/2009 wordt als volgt gewijzigd:
-
Artikel 1 wordt vervangen door:
Deze verordening voorziet in een gemeenschappelijk regelgevingskader dat moet zorgen voor verbetering van de integriteit, de transparantie, de verantwoordelijkheid, de governance en de onafhankelijkheid van ratingactiviteiten en draagt aldus bij tot de kwaliteit van in de Unie afgegeven ratings en tot de goede werking van de interne markt, waarbij tevens een hoog niveau van consumenten- en beleggersbescherming wordt bewerkstelligd. De verordening stelt voorwaarden vast voor de afgifte van ratings en bevat voorschriften betreffende de organisatie en het gedrag van ratingbureaus, inclusief hun aandeelhouders en vennoten, om de onafhankelijkheid van de ratingbureaus te bevorderen, belangenconflicten te vermijden en de consumenten- en beleggersbescherming te verhogen.
Deze verordening stelt ook verplichtingen voor in de Unie gevestigde uitgevende instellingen, initiators en sponsors vast betreffende gestructureerde financieringsinstrumenten.”.
-
In artikel 2, lid 1, artikel 3, lid 1, onder m), artikel 4, lid 2, artikel 4, lid 3, inleidende zin, artikel 4, lid 4, eerste en twee alinea, artikel 5, lid 1, inleidende zin, artikel 14, lid 1, en bijlage II, punt 1), wordt „Gemeenschap” vervangen door „Unie”.
-
Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:
-
lid 1 wordt als volgt gewijzigd:
-
punt g) wordt vervangen door:
- „g) „regelgevingsdoeleinden” :
- het gebruik van ratings specifiek met het oog op het naleven van Unierecht of van Unierecht zoals dat ten uitvoer wordt gelegd door de nationale wetgeving van de lidstaten;”;
-
de volgende punten worden toegevoegd:
- „p bis) „kredietinstelling” :
- een kredietinstelling als gedefinieerd in artikel 4, punt 1), van Richtlijn 2006/48/EG;
- p ter) „beleggingsonderneming” :
- een beleggingsonderneming als gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 1), van Richtlijn 2004/39/EG;
- p quater) „verzekeringsonderneming” :
- een verzekeringsonderneming als gedefinieerd in artikel 13, punt 1), van Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II)(*);
- p quinquies) „herverzekeringsonderneming” :
- herverzekeringsonderneming als gedefinieerd in artikel 13, punt 4), van Richtlijn 2009/138/EG;
- p sexies) „instelling voor bedrijfspensioenvoorziening” :
- een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening als gedefinieerd in artikel 6, punt a), van Richtlijn 2003/41/EG;
- p septies) „beheermaatschappij” :
- een beheermaatschappij als gedefinieerd in artikel 2, lid 1, punt b), van Richtlijn 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad van13 juli 2009 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe’s)(**);
- p octies) „beleggingsmaatschappij” :
- een beleggingsmaatschappij waaraan toelating is verleend in overeenstemming met Richtlijn 2009/65/EG;
- p nonies) „beheerder van alternatieve beleggingsinstellingen” :
- een abi-beheerder als gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt b), van Richtlijn 2011/61/EU van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2011 inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen(***);
- p decies) „centrale tegenpartij” :
- een centrale tegenpartij (CTP) als gedefinieerd in artikel 2, punt 1), van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters(****), aan welk een vergunning is verleend in overeenstemming met artikel 14 of die verordening;
- p undecies) „prospectus” :
- een krachtens Richtlijn 2003/71/EG en Verordening (EG) nr. 809/2004 gepubliceerd prospectus.
-
punten q) en r) worden vervangen door:
- „q) „sectorale wetgeving” :
- de uniale wetgevingshandelingen als bedoeld in punten p bis) tot en met p undecies);
- r) „sectoraal bevoegde autoriteiten” :
- de nationale bevoegde autoriteiten die uit hoofde van de betreffende sectorale wetgeving zijn aangewezen voor het toezicht op kredietinstellingen, beleggingsondernemingen, verzekeringsondernemingen, herverzekeringsondernemingen, instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen, beheermaatschappijen, beleggingsmaatschappijen, beheerders van alternatieve beleggingsfondsen, centrale tegenpartijen en prospectussen;”;
-
de volgende punten worden toegevoegd:
- „s) „uitgevende instelling” :
- een uitgevende instelling als gedefinieerd in punt h) van artikel 2, lid 1, van Richtlijn 2003/71/EG;
- t) „initiator” :
- een initiator als gedefinieerd in punt 41) van artikel 4 van Richtlijn 2006/48/EG;
- u) „sponsor” :
- een sponsor als gedefinieerd in punt 42) van artikel 4 van Richtlijn 2006/48/EG;
- v) „overheidsrating” :
-
-
een rating waarbij de beoordeelde entiteit een staat of een regionale of lokale overheid van een staat is;
-
een rating waarbij de uitgevende instelling van het schuldinstrument of de financiële verplichting, de obligaties of de andere financiële instrumenten een staat of een regionale of lokale overheid van een staat is, of een special purpose vehicle van een staat of van een regionale of lokale overheid;
-
een rating waarbij de uitgevende instelling een door twee of meer staten opgerichte internationale financiële instelling is die tot doel heeft het vrijmaken van middelen en het verstrekken van financiële bijstand ten gunste van haar leden die te maken hebben met of worden bedreigd door ernstige financieringsproblemen;
-
- w) „ratingoutlook” :
- een opinie betreffende de waarschijnlijke richting van een rating op korte of middellange termijn of beide;
- x) „ongevraagde rating” en „ongevraagde overheidsrating” :
- een rating respectievelijk overheidsrating die anders dan op verzoek door een ratingbureau is afgegeven;
- y) „kredietscore” :
- een maatstaf van kredietwaardigheid die wordt verkregen door het samenvatten en het tot uitdrukking brengen van enkel op een voorafgaand vastgesteld statistisch systeem of model gebaseerde data, zonder enige aanvullende inhoudelijke ratingspecifieke analytische input van een ratinganalist;
- z) „gereglementeerde markt” :
- een gereglementeerde markt als gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 14), van Richtlijn 2004/39/EG die in de Unie is gevestigd;
- aa) „hersecuritisatie” :
- een hersecuritisatie als gedefinieerd in artikel 4, punt 40 bis), van Richtlijn 2006/48/EG.”;
-
-
het volgende lid wordt toegevoegd:
„3.Voor de toepassing van deze verordening omvat de term „aandeelhouder” ook uiteindelijke begunstigden volgens de definitie in artikel 3, punt 6), Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 oktober 2005 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme(*).
-
-
Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:
-
lid 1 wordt vervangen door:
„1.Kredietinstellingen, beleggingsonderneming, verzekeringsondernemingen, herverzekeringsondernemingen, instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, beheermaatschappijen en investeermaatschappijen, beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en centrale tegenpartijen mogen voor regelgevingsdoeleinden alleen gebruikmaken van ratings indien deze zijn afgegeven door in de Unie gevestigde ratingbureaus die overeenkomstig deze verordening zijn geregistreerd.
Wanneer in een prospectus wordt verwezen naar een of meer ratings, draagt de uitgevende instelling, de aanbieder of de persoon die om toelating tot de handel op een gereglementeerde markt verzoekt, er zorg voor dat het prospectus ook duidelijke en opvallende informatie bevat over de vraag of die ratings zijn afgegeven door een in de Unie gevestigd ratingbureau dat overeenkomstig deze verordening is geregistreerd.”;
-
in lid 3 wordt punt b) vervangen door:
-
het ratingbureau heeft geverifieerd en kan te allen tijde tegenover de Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten) (European Securities and Markets Authority — ESMA) opgericht bij Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad(*) aantonen dat de door het ratingbureau van het derde land uitgevoerde ratingactiviteiten die tot de afgifte van de te bekrachtigen rating hebben geleid, voldoen aan vereisten die minstens even streng zijn als de vereisten van de artikelen 6 tot en met 12 en bijlage I, met uitzondering van de artikelen 6 bis, 6 ter, 8 bis, 8 ter, 8 quater en 11 bis, en bijlage I, afdeling B, punt 3, onder b bis), en punten 3 bis en 3 ter.
-
-
-
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:
-
in lid 6, tweede alinea, wordt punt b) vervangen door:
-
ratingbureaus in dat derde land zijn onderworpen aan juridisch bindende voorschriften die gelijkwaardig zijn aan die van de artikelen 6 tot en met 12 en bijlage I, met uitzondering van de artikelen 6 bis, 6 ter, 8 bis, 8 ter, 8 quater en 11 bis en bijlage I, punt 3, onder b bis), punten 3 bis en 3 ter, en”;
-
-
lid 8 wordt vervangen door:
„8.De artikelen 20, 23 ter en 24 zijn van toepassing op ratingbureaus die overeenkomstig artikel 5, lid 3, zijn gecertificeerd en op de door hen afgegeven ratings.”.
-
-
In titel I worden de volgende artikelen ingevoegd:
1.De entiteiten als bedoeld in artikel 4, lid 1, eerste alinea, maken hun eigen kredietrisicobeoordeling en vertrouwen niet uitsluitend of mechanisch op ratings voor het beoordelen van de kredietwaardigheid van een entiteit of een financieel instrument.
2.De sectoraal bevoegde autoriteiten die met het toezicht op de in artikel 4, lid 1, eerste alinea, bedoelde entiteiten zijn belast, houden in overeenstemming met specifieke sectorale wetgeving, rekening houdend met de aard, de omvang en de complexiteit van hun activiteiten, toezicht op de toereikendheid van hun kredietbeoordelingsprocessen, beoordelen het gebruik van contractuele verwijzingen naar ratings en moedigen, waar passend, aan dat het effect van dergelijke verwijzingen wordt beperkt, opdat het uitsluitende en mechanische vertrouwen op ratings wordt beperkt.
1.De Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit) (European Banking Authority — EBA), opgericht bij Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad(*), de Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen) (European Insurance and Occupational Pensions Authority — EIOPA), opgericht de bij Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad(**), en de ESMA verwijzen in hun richtsnoeren, aanbevelingen en ontwerpen van technische normen niet naar ratings indien zodanige verwijzingen potentieel aanleiding kunnen geven aan een mechanisch vertrouwen op ratings door de bevoegde autoriteiten, de sectoraal bevoegde autoriteiten, de in artikel 4, lid 1, eerste alinea, genoemde entiteiten of andere financiële marktdeelnemers. Dienovereenkomstig, en uiterlijk op 31 december 2013 toetsen en verwijderen de EBA, de EIOPA en de ESMA in voorkomend geval al dergelijke verwijzingen naar ratings in bestaande richtsnoeren en aanbevelingen.
2.Het Europees Comité voor systeemrisico (European Systemic Risk Board — ESRB), opgericht bij Verordening (EU) nr. 1092/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 betreffende macroprudentieel toezicht van de Europese Unie op het financiële stelsel en tot oprichting van een Europees Comité voor systeemrisico(***), verwijst in zijn waarschuwingen en aanbevelingen niet naar ratings indien zodanige verwijzingen potentieel aanleiding kunnen geven aan uitsluitend en mechanisch vertrouwen op ratings.
Onverminderd haar recht van initiatief zet de Commissie haar herziening voort van verwijzingen naar ratings in het Unierecht die aanleiding geven of potentieel aanleiding kunnen geven tot een uitsluitend of mechanisch vertrouwen op ratings door de bevoegde autoriteiten, de sectoraal bevoegde autoriteiten, de in artikel 4, lid 1, eerste alinea, bedoelde entiteiten of andere financiële marktdeelnemers, opdat uiterlijk 1 januari 2020 alle verwijzingen naar ratings in het Unierecht voor regelgevingsdoeleinden zijn verwijderd, op voorwaarde dat passende alternatieven voor kredietrisicobeoordeling zijn aangewezen en ten uitvoer zijn gelegd.
-
Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:
-
lid 1 wordt vervangen door:
„1.Een ratingbureau neemt alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de afgifte van een rating of een ratingoutlook niet wordt beïnvloed door een bestaand of mogelijk belangenconflict of zakelijke relatie waarbij het ratingbureau dat de rating of de ratingoutlook afgeeft, zijn aandeelhouders, bestuurders, ratinganalisten, werknemers of elke andere natuurlijke persoon wiens diensten ter beschikking of onder toezicht van het ratingbureau worden gesteld of enig persoon die er direct of indirect mee verbonden is door een zeggenschapsband, betrokken is.”;
-
in lid 3 wordt de inleidende formule vervangen door:
„3.Op verzoek van een ratingbureau kan de ESMA een ratingbureau een ontheffing verlenen voor naleving van de eisen van bijlage I, afdeling A, punten 2, 5, 6 en 9, en van artikel 7, lid 4, indien het ratingbureau kan aantonen dat deze vereisten, gezien de aard, omvang en complexiteit van zijn bedrijf en de aard en het gamma van de af te geven ratings, niet evenredig zijn en dat:”;
-
het volgende lid wordt toegevoegd:
„4.Ratingbureaus stellen een doeltreffende internecontrolestructuur in, houden deze in stand, handhaven deze en documenten deze. Deze interne controlestructuur bepaalt de tenuitvoerlegging van beleid en procedures voor de preventie van en het beperken van mogelijke belangenconflicten en stelt de onafhankelijkheid van ratings, ratinganalisten en ratingteams zeker ten opzichte van aandeelhouders, administratieve en bestuursorganen en van de verkoop- en marketingactiviteiten. Ratingbureaus stellen standaardwerkvoorschriften in met betrekking tot corporate governance, organisatie en het beheer van belangenconflicten. Zij controleren en herzien op periodieke basis deze standaardwerkvoorschriften om hun doeltreffendheid te beoordelen en om na te gaan of zij bijgewerkt moeten worden.”.
-
-
De volgende artikelen worden ingevoegd:
1.Het is een aandeelhouder of een vennoot van een ratingbureau die ten minste 5 % van het kapitaal of de stemrechten in dat ratingbureau houdt, of in een onderneming die de bevoegdheid heeft om zeggenschap of een beslissende invloed op dat ratingbureau uit te oefenen, verboden om:
-
5 % of meer van het kapitaal in enig ander ratingbureau te houden;
-
het recht of de bevoegdheid te hebben om 5 % of meer van de stemrechten in enig ander ratingbureau uit te oefenen;
-
het recht of de bevoegdheid te hebben om leden van het bestuurs- of toezichthoudend orgaan van een ander ratingbureau te benoemen of te ontslaan;
-
lid te zijn van het bestuurs- of toezichthoudend orgaan van een ander ratingbureau;
-
de bevoegdheid uit te oefenen of te hebben om zeggenschap over of een beslissende invloed op enig ander ratingbureau uit te oefenen.
Het verbod als bedoeld in eerste alinea, onder a), is niet van toepassing op deelnemingen in instellingen voor gediversifieerde collectieve belegging, inclusief beheerde fondsen, zoals pensioenfondsen of levensverzekeringen, mits de deelnemingen in deze instellingen de aandeelhouder of de vennoot in een ratingbureau niet in een positie brengen om significante invloed uit te oefenen op de bedrijfsactiviteiten van die instellingen.
2.Dit artikel is niet van toepassing op beleggingen in andere ratingbureaus die tot dezelfde groep van ratingbureaus behoren.
1.Indien een ratingbureau een contract aangaat voor de afgifte van ratings over hersecuritisaties, mag zij niet langer dan vier jaar ratings over nieuwe hersecuritisaties met onderliggende activa van dezelfde initiator afgeven.
2.Indien een ratingbureau een contract aangaat voor de afgifte van ratings over hersecuritisaties, verzoekt het de uitgevende instelling:
-
vast te stellen hoeveel ratingbureaus een contractuele relatie hebben voor het afgeven van ratings over hersecuritisaties met onderliggende activa van dezelfde initiator;
-
het percentage te berekenen van het totaal aantal uitstaande hersecuritisaties met onderliggende activa van dezelfde initiator waarvoor elk ratingbureau ratings afgeeft.
Indien ten minste vier ratingbureaus elk voor meer dan 10 % van het totaal aantal uitstaande beoordeelde hersecuritisaties ratings afgeven, gelden de in lid 1 bedoelde beperkingen niet.
De in de tweede alinea neergelegde vrijstelling blijft van toepassing ten minste tot het moment dat het ratingbureau een nieuwe overeenkomst sluit voor het afgeven van ratings voor hersecuritisaties met onderliggen activa van dezelfde initiator. Indien niet wordt voldaan aan de in de tweede alinea neergelegde criteria op het moment, waarop een dergelijke overeenkomst wordt gesloten, wordt de in lid 1 bedoelde periode berekend vanaf de datum waarop de nieuwe overeenkomst is gesloten.
3.Vanaf het moment dat een contract zoals bedoeld in lid 1 verstrijkt, gaat een ratingbureau gedurende een periode die gelijk is aan de looptijd van het verstreken contract, met een maximum van vier jaar, geen nieuwe contractuele relatie voor het afgeven van ratings voor hersecuritisaties met onderliggende activa van dezelfde initiator aan.
De eerste alinea is ook van toepassing op:
-
een ratingbureau dat tot dezelfde groep van ratingbureaus behoort als het ratingbureau waarvan sprake in lid 1;
-
een ratingbureau dat een aandeelhouder of een vennoot is van het ratingbureau waarvan sprake is in lid 1;
-
een ratingbureau waarin het ratingbureau waarvan sprake in lid 1 een aandeelhouder of een vennoot is.
4.Niettegenstaande lid 1, mag een ratingbureau, indien ratings over hersecuritisaties zijn uitgegeven vóór het einde van de maximumtermijn van de in lid 1 bedoelde contractuele relatie zijn afgegeven, op verzoek deze ratings blijven bewaken en bijstellen voor de volledige looptijd van de hersecuritisaties.
5.Dit artikel geldt niet voor ratingbureaus met minder dan 50 werknemers die op het niveau van de groep betrokken zijn bij ratingactiviteiten, of met een met ratingactiviteiten gegenereerde jaaromzet van minder dan 10 miljoen EUR op het niveau van de groep.
6.Indien een ratingbureau vóór 20 juni 2013 een overeenkomst voor de afgifte van ratings over hersecuritisaties heeft gesloten, wordt de periode als bedoeld in lid 1 berekend vanaf die datum.”.
-
-
Artikel 7, lid 5, wordt vervangen door:
„5.De beloning en prestatiebeoordeling van personen die bij ratings of ratingoutlooks betrokken zijn, alsook van ratinganalisten en personen die ratings of ratingoutlooks goedkeuren, worden niet afhankelijk gesteld van het bedrag aan inkomsten dat het ratingbureau ontvangt van de beoordeelde entiteiten of gelieerde derden.”.
-
Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd:
-
lid 2 wordt vervangen door:
„2.Een ratingbureau treft, implementeert en handhaaft passende maatregelen om ervoor te zorgen dat de ratings en ratingoutlooks die het afgeeft, gebaseerd zijn op een grondige analyse van alle informatie die beschikbaar is en die relevant is voor zijn analyse volgens de toepasselijke ratingactiviteiten. Het treft alle nodige maatregelen opdat de informatie waarvan het voor de toekenning van een rating en ratingoutlook gebruikmaakt, van voldoende kwaliteit en uit betrouwbare bron afkomstig is. Bij het afgeven van ratings en ratingoutlooks vermeldt het ratingbureau dat de rating zijn standpunt vertegenwoordigt en dat er slechts in beperkte mate op vertrouwd mag worden.
2 bis.Veranderingen in ratings worden afgegeven in overeenstemming met de gepubliceerde ratingmethodologie van het ratingbureau.”;
-
aan lid 5 wordt de volgende alinea toegevoegd:
„Overheidsratings worden ten minste om de zes maanden bijgesteld.”;
-
het volgende lid wordt ingevoegd:
„5a.Een ratingbureau dat voornemens is om wezenlijke wijzigingen aan te brengen aan zijn ratingmethodologieën, ratingmodellen of belangrijke aan ratings ten grondslag liggende aannamen, of nieuwe te gebruiken, met een mogelijk effect op een rating, maakt de voorgestelde wezenlijke wijzigingen of de voorgestelde nieuwe ratingmethodologieën op zijn website bekend, waarbij belanghebbenden worden uitgenodigd opmerkingen in te dienen gedurende een periode van één maand en licht het de redenen voor en de gevolgen van de voorgestelde aanzienlijke wijzigingen of de voorgestelde nieuwe ratingmethodologieën nader toe.”;
-
lid 6 wordt als volgt gewijzigd:
-
de inleidende zin komt als volgt te luiden:
„6.Bij een wijziging van ratingmethodologieën, modellen of belangrijke aan ratings ten grondslag liggende aannamen die bij ratingactiviteiten worden gebruikt in overeenstemming met artikel 14, lid 3, gaat een ratingbureau over tot:”;
-
de volgende punten worden ingevoegd:
-
onmiddellijke kennisgeving aan de ESMA en publicatie op zijn website van de resultaten van de raadpleging en van de nieuwe ratingmethodologieën samen met een nadere toelichting daarbij, en de toepassingsdatum daarvan;
-
onmiddellijke publicatie op zijn website van de reacties op de in lid 5 bis) bedoelde raadpleging, behalve in gevallen waarin de respondent om vertrouwelijkheid heeft gevraagd;”;
-
-
-
het volgende lid wordt toegevoegd:
„7.Wanneer een ratingbureau kennis krijgt van fouten in zijn ratingmethodologieën of in de toepassing ervan gaat het onmiddellijk over tot:
-
kennisgeving van die fouten aan de ESMA en alle beoordeelde entiteiten die daarvan de invloed hebben ondergaan, met uitleg betreffende de impact op zijn ratings, met inbegrip van de noodzaak om afgegeven ratings opnieuw te bekijken;
-
publicatie van die fouten op zijn website in de gevallen waarin fouten impact op zijn rating hebben;
-
correctie van die fouten in de ratingmethodologieën, en
-
toepassing van de maatregelen waarvan sprake in de punten a), b) en c) van lid 6.”.
-
-
-
De volgende artikelen worden ingevoegd:
1.Overheidsratings worden uitgebracht op een wijze die garandeert dat de individuele specifieke kenmerken van een bepaalde lidstaat zijn geanalyseerd. Een verklaring waarin de herziening van de rating van een bepaalde groep landen wordt aangekondigd, is verboden als deze niet vergezeld gaat van individuele rapporten over de landen. Die rapporten worden voor het publiek toegankelijk gemaakt.
2.Publieke mededelingen anders dan ratings, ratingoutlooks of begeleidende perscommuniqués en persberichten als bedoeld in bijlage I, afdeling D, deel I, punt 5, die betrekking hebben op mogelijke wijzigingen van ratings van overheidsschulden worden niet gebaseerd op informatie die zich in de sfeer van de beoordeelde entiteit bevindt en die zonder toestemming van deze entiteit openbaar is gemaakt, tenzij de informatie middels algemeen toegankelijke bronnen beschikbaar is of tenzij er geen geldige redenen voor de beoordeelde entiteit zijn om zijn toestemming voor de openbaarmaking van de informatie te onthouden.
3.Een ratingbureau maakt eind december, met inachtneming van artikel 8, lid 5, tweede alinea, op zijn website een kalender voor de komende twaalf maanden bekend, waarin ten hoogste drie datums voor de bekendmaking van ongevraagde ratings van overheidsschulden en daaraan gerelateerde ratingoutlooks, en de datums voor de bekendmaking van gevraagde ratings van overheidsschulden en daaraan gerelateerde outlooks zijn opgenomen, en legt deze op jaarbasis aan ESMA voor, in overeenstemming met bijlage I, afdeling D, onderafdeling III, punt 3. Dergelijke datums moeten vrijdagen zijn.
4.Afwijkingen van de kalender voor de bekendmaking van ratings van overheidsschulden of daaraan gerelateerde ratingoutlooks is alleen mogelijk indien dit voor het ratingbureau nodig is om te voldoen aan de in de artikel 8, lid 2, artikel 10, lid 1, en artikel 11, lid 1, bedoelde eisen, en vergezeld gaat met een gedetailleerde uitleg van de redenen voor de afwijking van de aangekondigde kalender.
1.De in de Unie gevestigde uitgevende instelling, de initiator en de sponsor van een gestructureerd financieringsinstrument maken op de door ESMA opgerichte website krachtens lid 4, gezamenlijk informatie bekend over de kredietkwaliteit en prestaties van de onderliggende activa van het gestructureerd financieringsinstrument, de structuur van de securitisatietransactie, de kasstromen en alle zekerheden ter dekking van een securitisatie-uitzetting alsook de informatie die nodig is om omvangrijke en op goede informatie gebaseerde stresstests op de kasstromen en de waarde van de zekerheden voor de onderliggende uitzettingen te kunnen uitvoeren.
2.De verplichting onder lid 1 tot het bekendmaken van informatie strekt zich niet uit tot de bekendmaking van informatie die een inbreuk zou vormen op nationaal of uniaal recht betreffende de bescherming van de vertrouwelijkheid van de informatiebronnen of de verwerking van persoonsgegevens.
3.De ESMA stelt ontwerpen van technische reguleringsnormen op ter bepaling van:
-
de informatie die de in lid 1 bedoelde personen bekend moeten maken om te voldoen aan de verplichting als gevolg van lid 1, overeenkomstig de verplichting in lid 2;
-
de frequentie waarmee informatie als bedoeld onder a) wordt geactualiseerd;
-
de presentatie van de informatie als bedoeld onder a) middels een gestandaardiseerde openbaarmakingstemplate.
De ESMA legt die ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 21 juni 2014 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen overeenkomstig de in de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 bedoelde procedure vast te stellen.
4.De ESMA zet een website op voor de publicatie van de informatie over gestructureerde financieringsinstrumenten als bedoeld in lid 1.
1.Wanneer een uitgevende instelling of een gelieerde derde voornemens is een rating van een gestructureerd financieringsinstrument aan te vragen, stelt zij onafhankelijk van elkaar ten minste twee ratingbureaus aan.
2.De uitgevende instelling of haar gelieerde derde waarvan sprake in lid 1 zien erop toe dat de gemandateerde ratingbureaus voldoen aan de volgende voorwaarden:
-
zij behoren niet tot dezelfde groep van ratingbureaus;
-
zij zijn geen aandeelhouder of vennoot van een van de andere ratingbureaus;
-
zij hebben niet het recht of de bevoegdheid om stemrechten in een van de andere ratingbureaus uit te oefenen;
-
zij hebben niet het recht of de bevoegdheid om leden van het bestuurs- of toezichthoudend orgaan van een van de andere ratingbureaus te benoemen of te ontslaan;
-
geen van de leden van hun bestuurs- of toezichthoudende organen is lid van het bestuurs- of toezichthoudend orgaan van een van de andere ratingbureaus;
-
zij oefenen geen zeggenschap uit over een van de andere ratingbureaus, noch oefenen zij dominante invloed uit op een van de andere ratingbureaus, noch hebben zij daartoe de mogelijkheid.
1.Indien een uitgevende instelling of een gelieerde derde voornemens is ten minste twee ratingbureaus aan te stellen voor het uitgeven van een rating voor dezelfde emissie of entiteit, neemt de uitgevende instelling of een gelieerde derde in overweging om ten minste één ratingbureau aan te stellen, dat een marktaandeel van maximaal 10 % van de totale markt heeft en die door de uitgevende instelling of een gelieerde derde in staat wordt geacht voor de desbetreffende emissie of entiteit een rating te af te geven, op voorwaarde dat er, op basis van de in lid 2 bedoelde lijst van de ESMA, een ratingbureau beschikbaar is voor het afgeven van een rating voor de desbetreffende emissie of entiteit. Indien de uitgevende instelling of een gelieerde derde niet ten minste één ratingbureau aanstelt dat een marktaandeel van maximaal 10 % van de totale markt heeft, wordt dit gedocumenteerd.
2.Om de uitgevende instelling of een gelieerde derde te helpen bij de beoordeling onder het eerste lid, maakt de ESMA jaarlijks op haar website een lijst bekend van geregistreerde ratingbureaus, hun totale marktaandeel en het soort ratings dat deze bureaus hebben afgegeven, als uitgangspunt voor de beoordeling door de uitgevende instelling.
3.Voor de doeleinden van dit artikel wordt onder totaal marktaandeel verstaan de jaarlijkse, met ratingactiviteiten en daaraan gelieerde diensten gegenereerde omzet op het niveau van de groep.”.
-
-
In artikel 10 worden de leden 1 en 2 vervangen door:
„1.Een ratingbureau maakt alle ratings of ratingoutlooks, alsook alle besluiten om een rating niet langer op te stellen op niet-selectieve basis en tijdig openbaar. Indien een ratingbureau besluit een rating niet langer op te stellen, omvat de openbaargemaakte informatie de volledige redenen voor dit besluit.
De eerste alinea is eveneens van toepassing op ratings die op basis van abonnement worden verspreid.
2.Ratingbureaus zorgen ervoor dat ratings en ratingoutlooks worden gepresenteerd en behandeld overeenkomstig de vereisten van bijlage I, afdeling D, en geen andere factoren openbaar maken dan die welke verband houden met de ratings.
2 bis.Tot het moment dat ratings, ratingoutlooks en daaraan gelieerde informatie openbaar worden gemaakt, worden zij als voorwetenschap beschouwd zoals gedefinieerd in, en in overeenstemming met, Richtlijn 2003/6/EG.
Artikel 6, lid 3, van die richtlijn is van overeenkomstige toepassing op ratingbureaus wat betreft hun plichten aangaande vertrouwelijkheid en de verplichting om een lijst van personen bij te houden die vóór de publicatie ervan toegang tot de ratings, ratingoutlooks en daaraan gelieerde informatie hebben.
De lijst van personen die van de rating op de hoogte worden gebracht voorafgaande aan de openbaarmaking ervan, wordt beperkt tot personen die door iedere beoordeelde entiteit voor dat doel geïdentificeerd zijn.”.
-
In artikel 10, lid 5, wordt de eerste alinea vervangen door:
„5.Indien een ratingbureau een ongevraagde rating uitgeeft, vermeldt hij in de rating duidelijk of de beoordeelde instelling of een gelieerde derde partij al dan niet deelgenomen heeft aan het ratingproces en of het ratingbureau toegang heeft gekregen tot de rekeningen, het beheer en andere relevante interne documenten voor de beoordeelde instelling of een gelieerde derde partij, en gebruikt hij een duidelijk te onderscheiden, andere kleurcode voor de ratingcategorie.”;
-
artikel 11, lid 2, wordt vervangen door:
„2.Een geregistreerd of gecertificeerd ratingbureau stelt informatie over zijn historische prestatiegegevens, met inbegrip van de frequentie van ratingwijzigingen, en over in het verleden afgegeven ratings en de wijzigingen daarvan, ter beschikking in een centrale databank die door de ESMA is opgezet. Een dergelijk ratingbureau verstrekt informatie aan deze databank op een door de ESMA voorgeschreven gestandaardiseerd formulier. De ESMA shall make that information accessible to the public and shall publish summary information on the main developments observed on an annual basis.”.
-
Het volgende artikel wordt ingevoegd:
1.Een geregistreerd of gecertificeerd ratingbureau dient bij de afgifte van een rating of een ratingoutlook bij de ESMA ratinginformatie in, inclusief de rating van en de outlook voor het beoordeelde instrument, informatie over het soort rating, het soort ratingactie en datum en uur van publicatie.
2.De ESMA publiceert de afzonderlijke bij hem krachtens lid 1 ingediende ratings op een website („Europees ratingplatform”).
De in artikel 11, lid 2, bedoelde centrale databank wordt in het Europees ratingplatform geïntegreerd.
3.Dit artikel is niet van toepassing op ratings en ratingoutlooks die uitsluitend, tegen een vergoeding, voor beleggers worden vervaardigd en openbaar worden gemaakt.”.
-
In artikel 14, lid 3, wordt de volgende alinea toegevoegd:
„Onverminderd het bepaalde in de tweede alinea, stelt het ratingbureau de ESMA in kennis van de voorgenomen wezenlijke veranderingen aan ratingmethodologieën, ratingmodellen of belangrijke aan ratings ten grondslag liggende aannamen of de voorgestelde nieuwe ratingmethodologieën, ratingmodellen of belangrijke aan ratings ten grondslag liggende aannamen, wanneer het overeenkomstig artikel 8, lid 5 bis, de voorgestelde wijzigingen of voorgestelde nieuwe ratingmethodologieën op zijn website publiceert. Na het verstrijken van de raadplegingsperiode stelt het ratingbureau de ESMA in kennis van elke wijziging naar aanleiding van de raadpleging.”.
-
Artikel 18, lid 2, wordt vervangen door:
„2.De ESMA deelt aan de Commissie, de EBA, de EIOPA, de bevoegde autoriteiten en de sectoriële bevoegde autoriteiten elk besluit uit hoofde van artikel 16, 17 of 20 mee.”.
-
Artikel 19, lid 1, wordt vervangen door:
„1.De ESMA brengt de ratingbureaus vergoedingen in rekening overeenkomstig deze verordening en de in lid 2 bedoelde verordening van de Commissie inzake vergoedingen. De uitgaven van de ESMA welke nodig zijn voor de registratie en certificatie van en het toezicht op ratingbureaus en voor de terugbetaling van alle eventuele kosten die de bevoegde autoriteiten uit hoofde van deze verordening maken, in het bijzonder ingevolge overeenkomstig artikel 30 gedelegeerde taken, worden door deze vergoedingen volledig gedekt.”.
-
Artikel 21 wordt als volgt gewijzigd:
-
lid 4 wordt als volgt gewijzigd:
-
het inleidende deel komt als volgt te luiden:
„4.De ESMA stelt ontwerpen van technische reguleringsnormen op ter bepaling van:”
-
punt e) wordt vervangen door:
-
de inhoud en het formaat van de periodieke verslagen betreffende de ratinggegevens die met het oog op het doorlopend toezicht van de ESMA van de geregistreerde en gecertificeerde ratingbureaus worden verlangd.”;
-
-
na punt e) worden de volgende alinea’s toegevoegd:
„De ESMA legt die ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 21 juni 2014 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen overeenkomstig de procedure van de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 vast te stellen.”;
-
-
de volgende leden worden ingevoegd:
„4 bis.De ESMA stelt ontwerpen van technische reguleringsnormen op ter bepaling van:
-
de inhoud en de presentatie van de informatie, inclusief structuur, formaat, methode en tijdschema voor de rapportage, die ratingbureaus aan de ESMA openbaar maken overeenkomstig artikel 11 bis, lid 1, en tevens
-
de inhoud en het formaat van de periodieke verslagen betreffende de door de ratingbureaus in rekening gebrachte vergoedingen met het oog op het doorlopend toezicht van de ESMA.
De ESMA legt die ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 21 juni 2014 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen overeenkomstig de procedure van de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 vast te stellen.
4 ter.De ESMA brengt uiterlijk op 21 juni 2015 bij de Commissie verslag uit over de mogelijkheid een of meer mappings van overeenkomstig artikel 11 bis, lid 1, ingediende ratings op te stellen. In dit verslag wordt met name het volgende beoordeeld:
-
of een of meer mappings tot stand kunnen worden gebracht en wat de kosten en voordelen daarvan zijn;
-
hoe een of meer mappings tot stand kunnen worden gebracht zonder ratings verkeerd weer te geven als gevolg van uiteenlopende ratingmethodes;
-
welke effecten mappings kunnen hebben op de tot dusver ontwikkelde technische reguleringsnormen met betrekking tot artikel 21, lid 4 bis, onder a) en b).
ESMA raadpleegt de ESMA de EBA en de EIOPA met betrekking tot eerste alinea, onder a) en onder b).”;
-
-
lid 5 wordt vervangen door:
„5.ESMA publiceert jaarlijks een verslag over de toepassing van deze verordening. Dat verslag bevat in het bijzonder een beoordeling van de uitvoering van bijlage I door de uit hoofde van deze verordening geregistreerde ratingbureaus, alsook een beoordeling van de toepassing van het in artikel 4, lid 3, bedoelde bekrachtigingsmechanisme.”.
-
-
In artikel 22 bis wordt de titel vervangen door:
-
Artikel 25 bis wordt vervangen door:
De sectoraal bevoegde autoriteiten zijn overeenkomstig de toepasselijke sectorale wetgeving verantwoordelijk voor het toezicht op en de handhaving van artikel 4, lid 1, en artikelen 5 bis, 8 ter, 8 quater en 8 quinquies.”.
-
De volgende titel wordt ingevoegd:
1.Wanneer een ratingbureau opzettelijk of met grove nalatigheid een in de lijst van bijlage III opgenomen inbreuk heeft begaan die een impact heeft op een rating mag een belegger of uitgevende instelling een vordering wegens alle aan hem c.q. haar ten gevolg van die inbreuk toegebrachte schade tegen dat ratingbureau instellen.
Een belegger kan uit hoofde van dit artikel een vordering tot een schadevergoeding instellen indien deze vaststelt dat hij of zij zich redelijkerwijs of anderszins met inachtneming van de nodige zorgvuldigheid, overeenkomstig artikel 5 bis, heeft vertrouwd op een rating om te beslissen in een onder die rating vallend financieel instrument te beleggen, bij dit instrument te blijven of uit dit instrument te stappen.
Een uitgevende instelling kan een vordering tot schadevergoeding onder dit artikel instellen indien zij vaststelt dat zij of haar financiële instrumenten onder die rating vallen en dat de inbreuk niet is veroorzaakt doordat de uitgevende instelling het ratingbureau, direct of middels algemeen toegankelijke data, misleidende of onjuiste informatie heeft verstrekt.
2.Het is de verantwoordelijkheid van de belegger of de uitgevende instelling om juiste en gedetailleerde informatie aan te dragen waaruit blijkt dat een ratingbureau een inbreuk op deze verordening heeft begaan en dat die inbreuk een impact heeft gehad op de afgegeven rating.
De bevoegde nationale rechter beoordeelt wat onder accurate en gedetailleerde informatie valt, met inachtneming van het feit dat de belegger of uitgevende instelling mogelijkerwijs geen toegang heeft tot informatie die zich louter in de sfeer van het ratingbureau bevindt.
3.De wettelijke aansprakelijkheid van ratingbureaus als bedoeld in lid 1 wordt vooraf enkel beperkt indien die beperking:
-
redelijk en evenredig is;
-
toegestaan is uit hoofde van het toepasselijke nationale recht in overeenstemming met lid 4.
Beperkingen die niet aan het in de eerste alinea bepaalde voldoen, of uitsluitingen van burgerlijke aansprakelijkheid, hebben geen enkel rechtsgevolg.
4.De begrippen, zoals „schade”, „opzet”, „grove nalatigheid”, „redelijk vertrouwen”, „nodige zorgvuldigheid”, „gevolgen”, „redelijkheid” en „evenredigheid”, die in dit artikel worden gebruikt maar niet worden gedefinieerd, worden uitgelegd en toegepast in overeenstemming met het toepasselijke nationale recht als aangewezen door de desbetreffende regels van het internationaal privaatrecht. Kwesties betreffende de wettelijke aansprakelijkheid van een ratingbureau die niet onder deze verordening vallen, worden beheerst door het toepasselijke nationale recht als bepaald door de desbetreffende regels van het internationaal privaatrecht. De bevoegde rechter voor een door een belegger of uitgevende instelling vordering inzake wettelijke aansprakelijkheid wordt middels de toepasselijke regels inzake internationale rechtsmacht vastgesteld.
5.Dit artikel laat nadere wettelijke aansprakelijkheidsvorderingen overeenkomstig het nationale recht onverlet.
6.Het in dit artikel vastgelegde verhaalsrecht belet de ESMA niet haar bevoegdheden als vastgelegd in artikel 36 bis volledig uit te oefenen.”.
-
-
In artikel 36 bis, lid 2, wordt de eerste alinea als volgt gewijzigd:
-
punten a) en b) worden vervangen door:
-
voor de inbreuken bedoeld in de punten 1 tot en met 5, 11 tot en met 15, 19, 20, 23, 26 bis tot 26 quinquies, 28, 30, 32, 33, 35, 41, 43, 50, 51 en 55 tot en met 62 van afdeling I van bijlage III bedragen de geldboeten niet minder dan 500 000 EUR en niet meer dan 750 000 EUR;
-
voor de inbreuken bedoeld in de punten 6, 7, 8, 16, 17, 18, 21, 22, 22 bis, 24, 25, 27, 29, 31, 34, 37 tot en met 40, 42, 42 bis, 42 ter, 45 tot en met 49 bis, 52, 53, 54 van afdeling I van bijlage III bedragen de geldboeten niet minder dan 300 000 EUR en niet meer dan 450 000 EUR;”;
-
-
punten d) en e) worden vervangen door:
-
voor de inbreuken bedoeld in de punten 1, 6, 7, 8 en 9 van afdeling II van bijlage III bedragen de geldboeten niet minder dan 50 000 EUR en niet meer dan 150 000 EUR;
-
voor de inbreuken bedoeld in de punten 2, 3 bis tot en met 5 van afdeling II van bijlage III bedragen de geldboeten niet minder dan 25 000 EUR en niet meer dan 75 000 EUR;”;
-
-
punt h) wordt vervangen door:
-
voor de inbreuken bedoeld in punt 20 bis van afdeling I van bijlage III, punten 4 tot 4 quater, 6, 8 en 10 van afdeling III van bijlage III bedragen de geldboeten niet minder dan 90 000 EUR en niet meer dan 200 000 EUR;”.
-
-
-
Artikel 39 wordt als volgt gewijzigd:
-
leden 1 en 3 worden geschrapt.
-
de volgende alinea’s worden toegevoegd:
„4.Na een technisch advies van de ESMA herziet de Commissie de situatie op de ratingmarkt voor gestructureerde financiële instrumenten, met name de markt voor ratings voor hersecuritisaties. In vervolg op die herziening, legt de Commissie uiterlijk 1 juli 2016 aan het Europees Parlement en de Raad een rapport voor waarin met name wordt nagegaan:
-
of er voldoende keuze beschikbaar is om te voldoen aan de eisen van artikelen 6 ter en 8 quater;
-
of het passend is de maximale duur van de contractuele relatie als bedoeld in artikel 6 ter, lid 1, en de minimumperiode die het ratingbureau in acht moet nemen voordat het opnieuw een contract mag aangaan met een uitgevende instelling of een gelieerde derde voor de afgifte van ratings over hersecuritisaties als bedoeld in artikel 6 ter, lid 3, te verkorten of te verlengen;
-
of het passend is de ontheffing als bedoeld in artikel 6 ter, lid 2, tweede alinea, te wijzigen.
5.De Commissie herziet, na een technisch advies van de ESMA, de toestand op de ratingmarkt. In aansluiting op die herziening, legt de Commissie uiterlijk 1 januari 2016 aan het Europees Parlement en de Raad een rapport voor, indien passend vergezeld door een wetgevend voorstel, waarin met name wordt beoordeeld:
-
of de werkingssfeer van de verplichtingen als bedoeld in artikel 8 ter tot andere financiële producten moet worden uitgebreid;
-
of de vereisten als bedoeld in artikelen 6, 6 bis en 7 belangenconflicten in voldoende mate hebben beperkt;
-
of de werkingssfeer van het in artikel 6 ter bedoelde roulatiemechanisme moet worden uitgebreid tot andere activaklassen en of het dienstig is onderscheiden termijnen voor verschillende activaklassen te gebruiken;
-
of de bestaande en alternatieve modellen voor beloning geëigend zijn;
-
of andere maatregelen nodig zijn om de concurrentie op de ratingmarkt te bevorderen;
-
of aanvullende initiatieven nodig zijn voor het bevorderen van concurrentie op de ratingmarkt, tegen de achtergrond van de zich ontwikkelende structuur van de sector;
-
of maatregelen moeten worden voorgesteld om het in te grote mate op ratings vertrouwen binnen contractuele relatie aan te pakken;
-
hoe het is gesteld met de marktconcentratieniveaus, de uit sterke concentratie voortvloeiende risico’s en de impact op de algehele stabiliteit van de financiële sector.
6.De Commissie brengt op zijn minst jaarlijks het Europees Parlement en de Raad op de hoogte van elke nieuwe gelijkwaardigheidbesluiten als bedoeld in artikel 5, lid 6, die in de rapporteringsperiode zijn vastgesteld.”.
-
-
-
Artikel 39 bis wordt vervangen door:
Uiterlijk op 21 juni 2014 stelt de ESMA een raming op van haar personele en andere behoeften die voortvloeien uit de vervulling van haar taken en bevoegdheden overeenkomstig deze verordening en brengt zij daarover verslag uit aan het Europees Parlement, de Raad en de Commissie.”.
-
Het volgende artikel wordt ingevoegd:
1.Uiterlijk 31 december 2015 legt de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad een rapport voor over:
-
de genomen stappen wat betreft het schrappen van verwijzingen naar ratings die uitsluitend of mechanistisch vertrouwen op ratings teweegbrengen of teweeg kunnen brengen, en
-
alternatieve instrumenten die beleggers in staat stellen een eigen risicobeoordeling op te stellen van uitgevende instellingen en financiële instrumenten,
om alle, in het uniale recht opgenomen verwijzingen naar ratings voor regelgevingsdoeleinden uiterlijk 1 januari 2020 te verwijderen, op voorwaarde dat er passende alternatieven zijn aangewezen en ten uitvoer gelegd. De ESMA verstrekt de Commissie technisch advies in het kader van dit lid.
2.Uiterlijk 31 december 2014 legt de Commissie, met inachtneming van de marktsituatie op dat moment, een verslag voor aan het Europees Parlement en aan de Raad over de vraag of het passend is een Europese kredietwaardigheidsbeoordeling voor overheidsschulden te ontwikkelen.
Uiterlijk 31 december 2016 legt de Commissie, met inachtneming van de bevindingen in het in lid 1 bedoelde verslag en de marktsituatie, een verslag voor aan het Europees Parlement en aan de Raad over de vraag of het passend en mogelijk is steun te geven aan een Europees ratingbureau dat belast is met het beoordelen van de kredietwaardigheid van de overheidschuld van de lidstaten, en/of aan een Europese stichting voor ratings met betrekking tot alle andere ratings.
3.Uiterlijk december 2013 zal de Commissie aan het Europees Parlement en aan de Raad een verslag voorleggen over de haalbaarheid van een netwerk van kleinere ratingbureaus om de concurrentie op de markt te vergroten. In dat verslag wordt ingegaan op de financiële en niet-financiële steun voor de oprichting van een dergelijk netwerk, rekening houdend met de belangenconflicten die bij het toekennen van overheidssteun zouden kunnen ontstaan. In het licht van de bevindingen in dat rapport en rekening houdend met het technisch advies van de ESMA, kan de Commissie artikel 8 quinquies herzien en wijzigingen op dit artikel voorstellen.”.
-
-
Bijlage I wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage I bij deze verordening;
-
Bijlage III wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage II bij deze verordening.